Het Vrolijke Konijnenhol VZW stopt definitief op 1/4/2025

Het Vrolijke Konijnenhol VZW stopt definitief op 1/4/2025
Door veranderde persoonlijke omstandigheden zal de opvang definitief stoppen.

Hoe ons te contacteren?

Hoe ons te contacteren?

First dates voor konijnen

First dates voor konijnen
Gelieve ook de FAQ na te lezen voor het maken van een koppelafspraak!

Gelieve onze FAQ door te nemen!!!

Gelieve onze FAQ door te nemen!!!
Om mij te ontlasten qua mails versturen, heb ik de FAQ even opgelijst. Op die manier hoop ik meer tijd over te hebben om iedereen echt te woord te kunnen staan met overige vragen dan deze.

MET VEEL DANK AAN ONZE HOOFDSPONSERS!!!

Volg ons op FACEBOOK

Volg ons op FACEBOOK
Wegens tijdsgebrek wordt er niet zo veel meer gepost op onze blog. Wel kun je hier uiteraard alle informatie terugvinden, zoals de adoptievoorwaarden. Voor het laatste nieuws verwijzen we dus graag door naar onze Facebookpagina.

zaterdag 23 juni 2018

Het tam konijn

Tam konijn


Tam konijn
Het konijn is in een vrij groot aantal vormen gedomesticeerd (tot huisdier gekweekt). Bij de gedomesticeerde vormen worden volgens de Nederlandse standaard de diverse rassen onderscheiden: zie Lijst van konijnenrassen.
Het konijn werd al in de Romeinse tijd in hokken gehouden om ze vet te mesten, maar nog niet gedomesticeerd. Het dier werd gehouden voor het vlees en de vacht. De Romeinen hielden het konijn in parkjes met hoge muren, de zogenaamde leporaria. Behalve volwassen dieren aten zij ook pasgeboren konijntjes, die als delicatesse werden beschouwd. In middeleeuwse kloosters werden ze eveneens gehouden en verhandeld. De eerste veranderingen in de skeletstructuur van konijnen werd door archeologen pas gevonden bij dieren uit de 18e eeuw. Dit zijn de eerste sporen die duidelijk wijzen op domesticatie.[8][9] Pas in het midden van de 19e eeuw werden konijnen ook als hobbydier gehouden, waarbij er speciale konijnententoonstellingen werden gehouden. Na de Tweede Wereldoorlog werd het konijn een populair gezelschapsdier.

Uiterlijk

Konijnenrassen variëren zeer van grootte, kleur, vachtlengte en in de stand van de oren. Een groot ras zoals de Vlaamse Reus kan meer dan acht kilogram wegen, terwijl dwergkonijnen nauwelijks een kilogram wegen. Het gewone konijn weegt ongeveer anderhalf tot twee kilogram.
Tamme dieren kunnen allerlei kleuren hebben: wit, bruin, roestbruin, zwart, grijs, blauw, agouti, etc. Ook zijn er dieren met meerdere kleuren en opvallende tekeningpatronen, als gevlekte konijnen. Over het algemeen hebben tamme konijnen een korte vacht, maar het Angorakonijn heeft juist een snelgroeiende, wollenvacht. Kruisingen tussen wilde en tamme konijnen brengen meestal sterke, veelbehaarde jongen voort die ook allerlei kleuren kunnen hebben.
Een konijn bezit geen hoektanden. In de bovenkaak zitten er wel twee stifttanden, twee zeer grote snijtanden, zes voorkiezen en zes kiezen. Op deze kleine tandjes (stifttanden) rusten de onderste snijtanden wanneer het dier niet eet. In de onderkaak heeft het konijn twee zeer grote snijtanden, vier voorkiezen en zes kiezen.

Ziekten en problemen

EsculaapNeem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.

Konijn met myxomatose
Konijnen zijn heel kwetsbaar voor ziekten en dan vooral voor myxomatose en rabbit haemorrhagic disease (RHD), twee virusziekten. Als een konijn zo'n ziekte eenmaal heeft, is het meestal niet meer te redden. Tamme konijnen kunnen ingeënt worden tegen deze ziekten: eenmaal per jaar tegen RHD en tweemaal tegen myxomatose. Tegenwoordig is er ook een vaccin dat 1 jaar werkzaam is voor beide ziektes, wel is hier een incubatietijd van drie weken en schijnt dit vaccin minder tegen RHD te werken als deze al eerder door de zogenoemde Cunical is toegediend.
Er zijn ook enkele veelvoorkomende problemen bij konijnen waaronder "olifantentanden". De tanden van een konijn groeien altijd door. Wanneer de voortanden niet goed aangelegd zijn of beschadigd zijn geraakt, groeien deze scheef door. Ze raken dan de tegenoverliggende voortanden niet meer en worden te lang. Een gezond konijn zal zijn voortanden slijten door het eten van vezelrijke producten, zoals gras, hooi en bladgroente. Vaak wordt foutief aangenomen dat voor de slijtage van de voortanden takken of iets dergelijks nodig zijn. Desondanks zal een konijn graag gebruikmaken van wilgentakken, waarvan het hout niet splintert. Dieren met voortanden die te lang doorgroeien kunnen hun mond niet dichtdoen, wat de dieren verhindert te eten. De dieren zullen verhongeren als de tanden niet door bijvoorbeeld een dierenarts worden afgeslepen. Het is een grove fout om tanden te knippen (in plaats van te slijpen). Bij het knippen wordt zoveel kracht gebruikt dat de tanden kunnen splijten of barsten wat ontstekingen met abcesvorming kan veroorzaken. Daarom is het beter ze af te slijpen. Het is nog beter om de tanden van het konijn te laten verwijderen door een dierenarts. Er moet dan wel rekening worden gehouden dat het voedsel van het konijn dan in kleine hapklare brokken wordt aangeboden. De meeste konijnen passen zich goed aan om zonder voortanden te eten. Ze zijn immers gewend geraakt om hun voortanden niet te kunnen gebruiken.
Een minder vaak voorkomend probleem bij te dikke dieren, oudere dieren en dieren die een onjuist dieet krijgen, is een klomp nachtkeutels die aan het achterste blijft kleven. Dit is te voorkomen door de konijnen het juiste dieet te geven. Mocht het toch voorkomen, is dit het best te verwijderen door het dier te badderen in een lauw waterbadje en voorzichtig weg te knippen met een nagelschaartje. Een bezoek aan de dierenarts is eveneens aan te raden, vooral als de keutels niet verwijderd kunnen worden. In de lente, zomer en herfst kunnen er vliegen op de uitwerpselen afkomen. Deze zullen het konijn infecteren met maden, waardoor het konijn de ziekte Myiasis riskeert. Hierdoor wordt het onderhuids weefsel van het konijn geïnfesteerd door de vliegenlarven. De maden moeten manueel worden verwijderd, en een behandeling met antibiotica is in veel gevallen noodzakelijk. Konijnen lopen vooral in de warmere seizoenen het risico deze ziekte te krijgen. Door het stro droog en de hokjes opgeruimd te houden, blijven vliegen weg.
Konijnen hebben een zeer gevoelige spijsvertering. Om haar optimaal te functioneren heeft het konijn vooral behoefte aan een grote vezelopname. Die haalt het voornamelijk uit gras, hooi en bladgroente. In bepaalde situaties, zoals bij pijn, stress of tijdens de verharing gaan konijnen weleens minder eten en dit veroorzaakt een vertraagde darmwerking. Hierdoor ontstaat "gas" in de darmen, wat voor het dier zeer pijnlijk is en waardoor het stopt met eten. De spijsvertering loopt dan het risico helemaal stil te vallen en als hier niet op gereageerd wordt, zal het dier sterven. Daarom geldt als vuistregel: een konijn dat niet eet is een ziek konijn. Een bezoek aan de dierenarts is dan noodzakelijk.

Verzorging


Tamme konijnen in een buitenren
Bestand:Domestic-rabbit-kanela-breastfeeding.ogv
Voedend moederkonijn
Konijnen zijn van huis uit groepsdieren, echter is het niet verstandig om meer dan twee dieren in een ren te houden. Konijnen kunnen rivaliserend gedrag gaan vertonen in kleinere ruimtes, wat uit kan lopen op hevige gevechten. Dit is niet per definitie zo, maar meestal wordt aangeraden om twee konijnen te houden. Als je aan twee dieren wilt beginnen is de beste combinatie een gecastreerd mannetje met een gesteriliseerd vrouwtje. Konijnen kunnen ook op latere leeftijd aan elkaar gekoppeld worden. Dit vraagt wel om een nauwkeurige aanpak. De (eventueel. gesteriliseerde) voedster en het gecastreerde mannetje moeten elkaar eerst leren kennen in een neutrale ruimte (voor geen van de konijnen bekend). Daarna vraagt het een regelmaat van koppelen, splitsen, hokken aan elkaar schuiven en observeren. U moet vooral geduld hebben. Een vierdaagse koppeling werkt in de praktijk zeer goed. In de diverse dierenopvangcentra waar ook knaagdieren worden gehuisvest zijn ze vaak op de hoogte van het karakter van een konijn en de regels omtrent koppelen.
Redenen om een voedster (al is de ram gecastreerd) toch te laten steriliseren:
Tegen die tijd dat een voedster 4-5 jaar is heeft zij - mede afhankelijk van het ras - een kans van 50-80% om te sterven aan baarmoeder(hals)kanker. Het bakerpraatje dat dit niet zo zou zijn als zij een nest heeft gehad moet krachtig uit de wereld geholpen worden. Aantasting van de baarmoeder door kanker en ontstekingen is helaas zeer veelvoorkomend. Dring er dan ook op aan dat bij sterilisatie óók de baarmoeder (al is het maar deels) wordt verwijderd - want dit is niet altijd standaard het geval.
Konijnen kunnen zowel binnen als buiten leven in een hok. Konijnen kunnen goed tegen kou maar niet tegen tocht, nattigheid en felle zon. Ze hoeven dan ook niet tijdens een vorstperiode in een schuur gezet, tot −15 graden Celsiuskunnen ze prima leven. Wel hebben konijnen een warm tochtvrij hok nodig met voldoende stro. Konijnen kunnen ook makkelijk binnen leven. De dieren zijn erg schoon en verspreiden geen nare luchtjes, zolang je de kooi maar op tijd schoonmaakt. Omdat konijnen veel lichaamsbeweging nodig hebben moet je ze regelmatig los laten lopen in een grote (buiten)ren of in de kamer, zolang de dieren niet bij giftige planten en elektrische bedrading kunnen komen. Bedrading kan worden weggewerkt in plinten en goten.
Konijnen zijn uitzonderlijk zindelijke dieren. Het is overbodig om ze in bad te doen. Soms, bij warm weer, zal het konijn bevuild stro opgraven om zich te koelen. Hierdoor ontstaan plekken in de vacht die moeilijk te verwijderen zijn. Een wasbeurt kan helpen, maar meestal verliest het konijn de plekken pas tijdens de rui. Kuis het hok dus op tijd uit. Je moet je konijn iedere week even borstelen. Dit is goed voor de bloedsomloop van het konijn en de oude haren worden verwijderd. De tanden van het konijn groeien altijd door en ze moeten dus af kunnen slijten. Het beste is veel hooi en takken (zoals de splintervrije wilgentakken) waarop ze kunnen knagen. Te lange tanden hinderen het konijn bij het eten. Ook bij een goede voeding komt het voor dat de tanden door een verkeerde stand te lang worden en doorgroeien, deze moeten dan door de dierenarts worden geknipt of geslepen.[10] De nagels van het konijn moet je elke twee à drie maanden knippen.
Het beste is om kleine stukjes van zo veel mogelijk verschillende groenten tegelijk te geven, in plaats van veel van één soort groente. De wilde konijnen in de natuur eten ook heel gevarieerd en eten overal een klein beetje van. Voorbeelden van goede groenten om te geven zijn: andijvieveldslabroccolivenkelbleekselderijknolselderijkoolrabiwortelen en wortelloof, het loof van radijsjes, blaadjes witlofpaksoiwaterkers, aangevuld met een takje peterselie of selderij. Geef konijnen steeds genoeg vezels. Vul korrels of groenvoer steeds aan met hooi of gras. Zonder vezels riskeert het konijn diarree of dikkebuikenziekte.
Er zijn in de natuur nog veel meer kruiden en planten die goed zijn voor konijnen, als weegbreewilde achilleaherderstasjeboerenwormkruidabsintalsem, de bloemen en het blad van de paardenbloemdovenetel etc. De jonge toppen van de brandnetel zijn zeer gezond, maar ze moeten wel eerst een dag liggen om de "brand" eruit te laten gaan.
Opletten met: preiuibieslookbonenerwtenmaïs, vaste koolspruitjes. Te veel klaver geeft ook problemen, net zoals veel nat gras. Afgemaaid gras mag nooit gegeven worden, geplukt of geknipt lang gras wel. Met koolsoorten en sla en witlof moet je voorzichtig zijn, omdat een konijn daar heel snel gasvorming van krijgt, wat ook weer dodelijk kan zijn. Het is beter om van de koolsoorten een beetje bloemkool en 's winters boerenkool te geven.

Huisvesting

De hokken die vaak in dierenwinkels en bouwmarkten worden verkocht zijn eigenlijk te klein om een konijn continu in te huisvesten. Konijnen hebben ruimte nodig om te rennen, te springen te spelen en te graven, ook om voor elkaar weg te vluchten. Men kan rustig uitgaan van minimaal 1 à 2 vierkante meter per konijn. Hokken die voor kippen gebruikt worden zijn met wat kleine aanpassingen vaak zeer geschikte konijnenhokken. De dierenwinkelhokken zijn overigens met toevoeging van een ren ook redelijk geschikt. Konijnen hebben graag ondergrondse graafruimte. Die graafruimte moet afgeschermd met stevig gaas, zodat het voor bunzings en martersonmogelijk is om in het hok te komen.
Konijnen hebben de behoefte om te spelen. Ze zullen speelgoed erg op prijs stellen. Geschikt speelgoed is onder meer: een kartonnen doos met een gat erin (om in te kruipen/bovenop te springen), lege toiletpapierrolletjes (om mee te gooien), een tennisbal aan een touwtje ophangen (om tegenaan te botsen), rotanballetjes (om te knagen en om te gooien), een oud telefoonboek (om te scheuren), een grote bak met aarde (om in te graven/wroeten), wilgentakken (om op te knagen), een stuk oud tapijt (om te krabben). Het speelgoed zal gesloopt worden, een teken dat het konijn het leuk vindt. Haal papier en kartonnen speelgoed weg als het konijn het daadwerkelijk opeet, dit kan verstoppingen veroorzaken. In de meeste dierenwinkels vind je ook speeltjes voor konijnen, bijvoorbeeld een speelbal waarin "snoepjes" zoals gedroogde banaanrozijnen of andere commerciële snoepjes kunnen worden gestopt.

Konijnenrassen

Bestand:Tentoonstelling van raskonijnen-519205.ogv
Polygoonjournaal uit 1939. Tentoonstelling van raskonijnen, georganiseerd door de Konijnenfokkers Vereniging "Het Raskonijn" te Haarlem. Zonder geluid.
Historisch zijn de Nederlanden grote exporteurs geweest van gedomesticeerde konijnen, zowel voor pels als in de vleeshandel. Dit komt tot uiting in de grote hoeveelheid verschillende rassen die in het gebied worden gekweekt. De laatste 100 jaar is de populariteit van het konijn als slachtdier of bron voor bont sterk afgenomen. Bovendien is het veel economischer geworden om zich in de industriële kweek toe te leggen op groot-schaalrassen of albino's. De historische rassen werden dus opzij geschoven en bleven slechts in handen van een beperkt aantal hobbyisten. Sinds kort is er een noodkreet gerezen om dit levend erfgoed te beschermen. Speciale verenigingen houden zich bezig met wedstrijden en het in stand houden van zeldzame populaties.
1rightarrow blue.svg Zie ook: Lijst van konijnenrassen
RasAfkomst
Blauw van Sint-NiklaasOost-Vlaanderen
(Blauw) Van BeverenOost-Vlaanderen
Vlaamse reusOost-Vlaanderen
SteenkonijnVlaanderen
Belgische haasAntwerpen
Blauw van HamWallonië
Parelgrijs van HalleBelgië
Belgisch zilverFrankrijk/België
Wit van DendermondeOost-Vlaanderen
Kwekers helpen je meestal op weg en kun je contacteren via een vereniging. Als je zelf een raskonijn wilt aanschaffen, voor de sport, of de schoonheid, hou er dan rekening mee dat sommige dieren meer zorg vereisen dan andere. Kweken kost ook tijd en ruimte, zoals sommige nesten tot 10 jongen kunnen bevatten! Hou er dus rekening mee dat je jongen zult moeten verkopen of laten slachten.

Als productiedier

Konijnen worden ook gehouden voor de productie van vlees. In Nederland werden in 2010 bijna 300.000 konijnen voor het vlees gehouden.[11] Vleeskonijnen worden vaak gehouden in kooien van 50 bij 70 centimeter, waarbij ze in groepen van ongeveer 6 worden gehouden.[12] In Nederland geldt sinds 2006 voor het houden van vleeskonijnen de Verordening welzijnsnormen konijnen[13] van het Productschap Pluimvee en Eieren. Konijnen worden daarnaast ook gehouden als proefdier,[14] voor hun wol[15] en hun pels.[12]

bron: wikipedia https://nl.wikipedia.org/wiki/Konijn_(dier)#Wild_konijn

vrijdag 22 juni 2018

Gas en verstopping bij konijnen

Gas en verstopping komen veel voor bij konijnen. Helaas gaan er ook veel konijnen aan dood omdat baasjes de symptomen niet goed herkennen en vaak ook niet weten wat ze moeten doen. Hieronder duidelijk uitgelegd hoe je gas en verstoppingen kunt herkennen en wat je moet weten om jouw konijn weer beter te maken.


Gas

Hoe herken je het?


Het konijn heeft een harde borrelende buik, of echt doodse stilte (lichte geluidjes is normaal, een beetje zacht borrelen), konijn gedraagt zich anders, wil met rust gelaten worden, ogen half dicht, eet niet, reageert na een tijdje op helemaal niets meer. Konijn ligt in een vreemde houding, half op de zij of met de borst op de grond en de kont omhoog, of zit heel erg rechtop, konijn is onrustig, trapt stro weg, ademt snel, de buik voelt heel hard of heel zacht aan, bij het optillen kan het konijn echt helemaal slap zijn. Je ziet geen keutels of wat natte keutels.

 


Wat moet je doen?


Bel de dierenarts. Als je jouw konijn de verkeerde diagnose geeft en behandeld voor gas, en het blijkt een verstopping te zijn, kan dit zeer nadelig uitpakken.Een dierenartsbezoek kan duidelijkheid geven wat er aan de hand is en samen kunnen jullie de juiste behandeling bepalen. Zorg wel dat je bij een dierenarts uit komt die verstand heeft van konijnen. Je zal niet het eerste konijnenbaasje zijn die op de stoep staat bij een dierenarts die het ziet als onzinnig dat je daar met jouw konijn staat. Met als gevolg dat je de volgende dag een dood konijn hebt.  Dit soort dingen gebeuren nou eenmaal vaak net op ongelukkige momenten zoals in een weekend, 's avonds of op een feestdag. Welk moment het ook is, bel de konijnkundige dierenarts en ga er langs.
Buitenkonijnen moeten gelijk naar binnengehaald worden. Konijnen met gas krijgen het koud en raken dan in shock. Stop je konijn lekker tussen dekens en als hij erg koud aanvoelt geef hem een kruik of snugglesafe. Temperatuur je konijn: normaal is tussen 38,5 en 40 graden, is dit te laag (onder de 37,5) dan moet je met spoed naar de dierenarts. Vervoer je konijn dan warm. De dierenarts zal een infuus geven en soms medicatie.

Zelf kun je een konijn dat gas heeft medicatie geven uit je EHBO doos; er zijn een aantal anti-gas middelen voor baby's die ook voor konijnen geschikt zijn. Bijvoorbeeld Infacol. Geef dit echter alleen in overleg met de dierenarts. Het is namelijk afhankelijk van waar het gas zich bevind of een anti-gasmiddel zal helpen. Je kunt je konijn er ook zieker mee maken! Eerst goed overleggen met de dierenarts dus. Je kunt je konijn wel een buikmassage geven, masseer voorzichtig met je vingertoppen van de bovenkant van de buik omlaag. Als je konijn stil blijft zitten betekend dat dat je konijn het fijn vind, als hij weg wil moet je er mee stoppen.

Probeer je konijn te motiveren te eten, dit zal je konijn pas doen als de pijn weggaat. Geef je konijn elk half uur ook wat water, een paar ml is genoeg, maar een konijn moet drinken. Als je konijn na 12 uur nog niets eet moet je starten met dwangvoeren.  Als dat niet lukt (als je konijn alles uit de mond laat lopen of slap word) ga dan direct naar de dierenarts voor een infuus en medicatie. In het artikel konijnen EHBO kun je zien hoe je een konijn moet dwangvoeren.
Zet je konijn nog niet direct buiten als het over lijkt te zijn, wacht eventjes af om te zien of hij goed opknapt.
Denk er wel aan dat gas geen ziekte op zich is. Het is een symptoom. Het is dus altijd nodig om een dierenarts te raadplegen voor verder onderzoek.


Verstopping

Hoe herken je het?


Het konijn gedraagt zich normaal, maar eet minder en de keutels veranderen, dit kan op verschillende manieren:
- keutels worden steeds kleiner
- kettingkeutels
- keutels krijgen een andere vorm en zij net groter Uiteindelijk stopt je konijn met eten en keutelen als de darmwerking zodanig vertraagd is dat het voedsel in de darmen gaat gisten en gas veroorzaakt.


Wat moet je doen?


Bel ook in dit geval de dierenarts voor je verder iets onderneemt. Zorg er ook nu voor dat je bij een dierenarts uit komt die verstand heeft van konijnen. Je zal niet het eerste konijnenbaasje zijn die op de stoep staat bij een dierenarts die het ziet als onzinnig dat je daar met jouw konijn staat. Met als gevolg dat je de volgende dag een dood konijn hebt.  Dit soort dingen gebeuren nou eenmaal vaak net op ongelukkige momenten zoals in een weekend, 's avonds of op een feestdag. Welk moment het ook is, bel de konijnkundige dierenarts en ga er langs.
Zorg dat je konijn genoeg drinkt! Geef water op de manier van het dwangvoeren. Geef je konijn geen droogvoer en zoveel mogelijk verse donkergroene bladgroentes en maak deze vochtig. Als je droogvoer geeft of gaat dwangvoeren maak je de verstopping erger, omdat het voedsel nergens heen kan.  De darmen zullen dan oprekken en dat is erg pijnlijk voor konijnen. Overleg dus altijd met de dierenarts of dwangvoeren wel of geen optie is. Een konijn met verstopping heeft veel vezels nodig, die stimuleren de darmen. De dierenarts kan een laxeermiddel geven dat je een paar maal per dag moet geven. Let wel op, laxeermiddelen onttrekken vocht aan het konijnenlichaam. Ook hierbij is het dus ontzettend belangrijk dat het konijn voldoende vocht binnen krijgt!
Om verstoppingen te voorkomen, zorg dat je konijn voldoende water drinkt. Ook kun je prozyme of vers ananassap geven. Pas daar er echter wel mee op, in beide zit een enzym wat de haren afbreekt, maar dat enzym breekt ook andere lichaamseigen cellen af. Als je deze middelen geeft op het moment dat jouw konijn al verstopping heeft blijft het lang in de maag en is er een grote kans dat jouw konijn bovenop een verstopping ook nog een maagzweer krijgt.  Zorg er vooral voor dat jouw konijn genoeg water drinkt, om verstopping in het vervolg te voorkomen.
Als de verstopping voorbij is kan het zijn dat de keutels van jouw konijn vreemde vormen hebben. Dat is heel normaal. Zodra de spijsvertering weer goed op gang is, zullen de keutels weer mooi rond worden. Meer informatie over konijnenkeutels in dit artikel.


Op een rijtje

Om het even duidelijk op een rijtje te zetten:
- Beginnende verstopping: water en vezels (hooi en natte groentes). Eventueel ook ananassap of Prozyme geven.
- Verstopping (niet meer eten voorafgegaan door kleine keutels): Direct naar de dierenarts! De dierenarts kan een laxeermiddel geven, pijnstillers en vocht.
- Als je konijn te lang niet eet, begin dan met dwangvoeren. Pas wel op, als je gaat dwangvoeren terwijl er nog niets aan de verstopping is gedaan, komt het niet goed met jouw konijn!

Het is dus altijd verstandig om voor de zekerheid toch contact op te nemen met de dierenarts. Als het een lichte / beginnende aanval is kun je het misschien wel redden met je EHBO-kitje, maar als het langer duurt moet je toch echt de hulp van een dierenarts hebben. Daarnaast is het ook altijd mogelijk dat je dingen toch verkeerd interpreteert, en het misschien wel helemaal geen gas of verstopping is!

Oorzaken

In veel gevallen is gas en verstopping niet het probleem, maar een symptoom van een achterliggend probleem. Er is eigenlijk altijd een achterliggende oorzaak waardoor de problemen ontstaan. Dit kan komen door voedingsfouten, te weinig hooi eten of een slechte kwaliteit brok bijvoorbeeld. Ook stress kan de problemen veroorzaken. Stress kan komen door traumatsche gebeurtenissen zoals het verlies van een maatje, stress van een koppeling, maar bijvoorbeeld ook door de stress die ontstaat als een konijn jeuk heeft bij bijv vachtmijt. 
Ook medische problemen kunnen gas en verstopping veroorzaken. Een zwakke gezondheid door EC of door wormbesmettingen bijvoorbeeld. Problemen met tanden en kiezen, waardoor het voedsel niet juist verwerkt kan worden kunnen ook gas en verstopping veroorzaken. Leg je er dus niet zomaar bij neer dat jouw konijn(en) gevoelig zijn voor deze problemen, maar zoek echt door om de achterliggende oorzaak te achterhalen. Zo kun je zorgen dat de aanvallen minder vaak voorkomen en/of zelfs verdwijnen.

donderdag 21 juni 2018

Het wild konijn

Wild konijn


Wild konijn op Ameland
Het wilde konijn heeft een kop-romplengte van 34 tot 50 centimeter en een lichaamsgewicht van 1,2 tot 2,5 kilogram. De staart is 4 tot 8 centimeter lang. Wilde konijnen hebben voornamelijk een grijsbruine kleur, wildkleur of agouti genaamd. De dieren hebben ook een roodbruine vlek in de nek. De oren hebben een bruin puntje, de bovenzijde van de staart is zwartbruin. De buikzijde is blauwig grijs van kleur, de onderzijde van de staart is wit. Deze valt zeer op als hij wordt opgewipt. Sommige konijnen die maar half wild zijn kunnen wit of zwart zijn. Bij het wilde konijn zijn de oren maximaal tien centimeter lang en korter dan de kop.

Leefwijze

Het konijn is een schemerdier (ook wel schemeractief genoemd). Het konijn leeft van een grote variatie aan plantaardig voedsel: grassen, kruiden, loten, knollen, bast en akkergewassen als graan en kool. Ook eten ze hun eigen uitwerpselen (coprofagie). Dit is een soort van herkauwing in twee fasen, na de eerste vertering eet het konijn de uitwerpselen rechtstreeks uit het rectum. Het is dus helemaal niet erg om de keutels uit het hok weg te nemen, zoals veel mensen soms denken.
Het konijn leeft in grote groepen in een uitgebreid gangenstelsel. Het konijnenhol wordt meestal aangelegd in een heuvel of een andere helling, als een duin. De ingang heeft een diameter van tien tot vijftig centimeter. In Noordoost-Schotland legt hij ook "legers" aan, als een haas. Ze wagen zich zelden verder dan 400 meter van het hol af.
Bij lage dichtheden leeft het konijn in paarverband, bij hoge dichtheden in groepen van ongeveer twintig volwassen dieren en hun jongen. Binnen zo'n groep vormen zich subgroepjes, bestaande uit één tot vijf mannetjes en één tot zes vrouwtjes. Zo'n subgroepje heeft zijn eigen graasplek, die het meestal verdedigt tegen andere dieren. Binnen een groep heerst een rangorde, waarbij de dominante dieren de beste nesten betrekken, vlak bij het centrum van de kolonie. De jongen van dominante dieren staan later vaak ook hoog in de hiërarchie.
Territoria worden gemarkeerd door geurklieren onder de kin, urine en hopen keutels. De dominante mannetjes binnen een groep hebben de grootste klieren en zijn verantwoordelijk voor het meeste markeren. Bij gevaar stampt het konijn met zijn achterpoten. Ze kunnen een topsnelheid van 55 km/u halen, maar houden dit niet lang vol.

Voortplanting

De eisprong van het vrouwtje wordt door de paring in gang gezet en is ongeveer 12 uur later voltooid. Vandaar dat zowat alle paringen in zwangerschap resulteren. 60% van de zwangerschappen wordt echter niet voldragen. De embryo's kunnen vanaf de 12e dag opgelost worden en door de baarmoederwand in 2 dagen volledig opgenomen.[6] Het is niet geheel duidelijk waarom dit gebeurt. Waarschijnlijk wordt deze "interne abortus" veroorzaakt door een te geringe beschikbaarheid aan eiwit in het dieet. Dit zou ook verklaren waarom wilde konijnenjongen geboren worden tussen maart en augustus, terwijl tamme konijnen het hele jaar door jongen krijgen. Het beschikbare voedsel van wilde konijnen in de winter is karig en bevat zeer weinig eiwit. In de vroege lente en zomer bevatten het voor wilde konijnen beschikbare jonge groene gras en de jonge planten veel eiwitten. Het voedsel van tamme konijnen daarentegen is het hele jaar constant in termen van eiwit door het voeren van korrels, wellicht vandaar dat zij het hele jaar nesten kunnen krijgen.
De draagtijd van een konijnen is 28–31 dagen. Reeds enige uren na de geboorte van de jongen is het wijfje weer paringsbereid en wordt opnieuw gedekt, zodat zij tijdens de zoogperiode reeds nieuwe embryo's in haar baarmoeder herbergt.
Per jaar kan een vrouwtje drie tot zeven worpen krijgen, met een minimum interval van dertig dagen.
Nog een bijzonderheid van konijnen is dat de mannelijke embryo's in de baarmoeder in de minderheid zijn ten opzichte van de vrouwelijke. Na de geboorte verschuift die verhouding nog verder, zodat er ten slotte 100 rammen op 130 moertjes overblijven.
Jongen worden geboren in een aparte ondergrondse nestkamer, die aan het uiteinde ligt van een één à twee meter lange gang. Het nest waarin de jongen worden geboren bestaat uit gras en mos en is bedekt met vacht uit de buik van de moeder. Onderdanige vrouwtjes leggen meestal simpelere holen aan waar de jongen worden geboren. Jongen zijn bij de geboorte kaal en blind, en wegen 30 tot 35 gram. Na tien dagen gaan de ogen open. Ze worden 28 dagen lang gezoogd. Het moerkonijn bezoekt de jongen slechts vijf minuten per dag om ze te zogen.
Het mannetje beschermt jonge konijnen tegen andere konijnen, die zich agressief kunnen gedragen tegenover vreemde jongen en deze zelfs doden. In gevangenschap komt het echter regelmatig voor dat het mannetje zelf de jongen doodt. Vrouwtjes zijn na vier maanden geslachtsrijp, mannetjes na drie maanden. Jongen die vroeg in het jaar geboren worden, kunnen zich nog hetzelfde jaar voortplanten.
Het konijn wordt in het wild maximaal negen jaar oud. Tamme konijnen kunnen, als ze goed verzorgd worden, wel twaalf jaar oud worden. Onder normale omstandigheden (in een hok, altijd genoeg eten) worden tamme konijnen ongeveer vijf tot zeven jaar, meestal gaan ze dan dood omdat ze te dik worden.

Verspreiding

Oorspronkelijk komt het konijn enkel voor op het Iberisch Schiereiland. Spanje heeft zijn naam te danken aan het konijn. Toen de Feniciërs rond de 11e eeuw v.Chr. het Iberisch Schiereiland bereikten, troffen ze daar veel konijnen aan. Omdat zij de dieren erg vonden lijken op de voor hen beter bekende klipdassen, gaven ze de streek de naam 'i-saphan-im', het land der klipdassen. Deze naam is later door de Romeinen verbasterd tot 'Hispania'.
De Romeinen introduceerden het dier in het grootste deel van het Romeinse Rijk. Tegenwoordig wordt het in heel West-, Midden- en Zuid-Europa en Centraal-Aziëaangetroffen op elk terrein waarin hij holen kan graven. Hij leeft van Zuid-Rusland en Oekraïne via HongarijeTsjechiëDuitslandDenemarken en de Alpen tot de BeneluxFrankrijk, de Britse EilandenItalië en het Iberisch Schiereiland. Ook in Zuid-ScandinaviëMarokko en op enkele eilanden in de Middellandse Zee, als de BalearenCorsicaSardiniëSiciliëMalta en Kreta, komt het voor. Ook in Australië komt het voor. Het wilde konijn leeft voornamelijk in graslanden, open weilanden, en heidegronden, liefst met een droge, losse, zanderige bodem. Ook komt hij voor in open bossen, de rand van landbouwgebieden en zandduinen. Het konijn mijdt naaldbossen.
Een virusziektemyxomatose, was er in de jaren vijftig de oorzaak van dat het dier op vele plaatsen is verdwenen. Later is het aantal weer toegenomen, doordat meer dieren resistent werden tegen het virus.

Benelux

Een van de oudste vermeldingen van het konijn in de Lage Landen is afkomstig uit Zeeland, uit 1300.[7] Het konijn komt zowel in Nederland als België veel voor in zandstreken, bossen en duinen, tot in 1954 door myxomatose de populatie daalde en op vele plaatsen het dier verdween.
Sinds 1994 daalt de populatie in Nederland weer. In 2004 was er nog maar een derde over van het aantal uit 1994. Ditmaal is waarschijnlijk een dodelijke variant van het RHD-konijnenvirus de belangrijkste oorzaak. Ook de infrastructuur, de toenemende bebouwing van het biotoop, myxomatose, jacht en predatie door vossen en roofvogels spelen een grote rol bij de achteruitgang. Konijnen komen wel voor in grote steden zoals Amsterdam.
In België wordt het konijn bijna overal aangetroffen, uitgezonderd in Brussel en een klein deel (in het Noordoosten) van Vlaams-Brabant. Ook in sommige versnipperde stukjes van West-Vlaanderen is het konijn niet thuis.

Australië

In Australië is het konijn in 1859 door de Engelsen uitgezet voor de jacht. Door het ontbreken van natuurlijke vijanden en de snelle voortplanting ontwikkelde zich al snel de Australische konijnenpopulatie tot een ware plaag. Tegenwoordig leven daar meer dan tweehonderd miljoen wilde konijnen. Dit heeft kwalijke gevolgen voor het land: hele stukken land worden kaalgegeten, waardoor inheemse diersoorten bedreigd worden omdat hun voedsel en schuilplaatsen verdwijnen. Ook ondervinden landbouwgebieden veel schade van het konijn. Toen bleek dat het konijn niet met jacht onder controle te houden was, werden natuurlijke vijanden als de vos uitgezet. De vos eet echter ook inheemse dieren. Later zijn specifieke dodelijke konijnenziekten als myxomatose naar het land gebracht om de plaag onder controle te krijgen. In sommige staten als Queensland is het verboden om konijnen te houden.

bron: wikipedia

woensdag 20 juni 2018

Zorgen voor oude konijnen

De laatste decennia is een konijn steeds meer onderdeel van het gezin geworden, een echt huisdier in plaats van een voedsel- of fokdier dat achter in de tuin zit. Met als gevolg dat de konijnen betere zorg krijgen, betere voeding en daardoor ook langer zijn gaan leven. De gemiddelde leeftijd die konijnen behalen is 6,5 jaar. Toch kunnen konijnen veel ouder worden dan dat. Een leeftijd van 10-15 jaar oud komt regelmatig voor. Het oudste konijn ter wereld is zelfs 24 jaar oud geworden. Maar wat komt er nou precies kijken bij de zorg voor zo een oud konijn?
In veel opzichten is een oud konijn gelijk aan elk ander konijn. Toch zijn er een aantal dingen die je kan doen om het leven voor een bejaard konijn makkelijker te maken. Ook zijn er wat de gezondheid betreft dingen waar je op moet letten. In dit artikel hebben we alles op een rijtje gezet! 

Wanneer is een konijn oud?

Het verschilt per formaat, maar ook per individu wanneer een konijn oud is. Over het algemeen is het zo dat hoe groter het konijn is, hoe minder oud het wordt. De konijnen die de hoge leeftijden behalen zijn meestal de kleine en middelmaat konijnenrassen. Rammen (mannetjes) worden vaak iets ouder dan voedsters (vrouwtjes). 
Wist je dat oude konijnen ook grijze haren kunnen krijgen? En dat ouderdom op zich geen ziekte is. Een konijn kan dus eigenlijk niet doodgaan van ouderdom. Er zijn wel bepaalde kwaaltjes en ziekten waar oudere konijnen vatbaarder voor zijn, bijvoorbeeld door hun verminderde weerstand of slijtage.



Voeding

Geef oudere konijnen een goede kwaliteit voeding. Het hoofdvoer voor konijnen is hooi. Voor konijnen op leeftijd is dat niet anders. Wel kan het zijn dat konijnen op oudere leeftijd lastigere eters worden. Dat heeft er vooral mee te maken dat hun reukvermogen kan verminderen als ze ouder worden, daardoor is het voer minder aantrekkelijk dan eerst.
De voeding van een konijn moet bestaan uit 80% hooi, 10% groenvoer, 5% brokken en 5% gezonde snacks.  Om de hoeveelheid voor jouw senior konijn te berekenen ga je dan uit van het ideale, gezonde, volwassen lichaamsgewicht.
De dierenarts kan helpen om dit gewicht in te schatten als je zelf niet precies weet wat het ideale gewicht van jouw konijn zou moeten zijn. Per kilogram lichaamsgewicht (dat is dus het gezonde, volwassen lichaamsgewicht),  is dat per kilo konijn dan ongeveer 160 gram hooi per dag, 20 gram brokken, 40 gram groenvoer, 20 gram gezonde snacks (kruiden, knaaghout etc). Meer informatie over het juiste konijnenvoer lees je in het artikel over de voeding van een konijn.

Hooi

Voor sommige oudere konijnen kan de kwaliteit van het hooi wel veel verschil maken. Zoek dus goed naar een voedzame hooisoort, die uit meerdere grassoorten bestaat, die het oudere konijn goed eet. Kies bijvoorbeeld voor een weidehooi of bergweidehooi soort. Kruidenhooi kan ook, dat is meestal weidehooi waaraan kruiden zijn toegevoegd. Heeft jouw konijn baat bij minder calcium in het dieet, dan kun je voor timothy hooi kiezen. Is het van belang dat jouw konijn wat aan komt, en wat meer eiwitten binnen krijgt, kies dan voor een luzerne of alfalfa hooisoort, of voeg het los aan het hooi van het konijn toe.
Goed hooi eten voorkomt spijsverteringsproblemen, tand- en kiesproblemen. Omdat hooi droog is zorgt het er ook voor dat konijnen voldoende drinken, en dat zorgt er voor dat de afvalstoffen goed afgevoerd worden uit het konijnenlichaam. Hooi mag je onbeperkt voeren aan konijnen van alle leeftijden, dus ook aan senior konijnen. Een gezond konijn eet ongeveer zijn eigen formaat in los hooi per dag.
Meer informatie over hoe je een konijn meer hooi laat eten en hoe je het juiste hooi voor jouw konijnen kiest.

Water


Naast onbeperkt hooi, horen konijnen van alle leeftijden ook onbeperkte water tot hun beschikking te hebben. Zorg dat er naast of in plaats van de gebruikelijke drinkfles een waterbak is. Voor oudere konijnen die stramme gewrichten krijgen kan drinken uit een fles soms best moeilijk en/of pijnlijk zijn. Te weinig drinken kan onder andere nieraandoeningen veroorzaken. Zorg dus dat er op meerdere plekken waterbakjes te vinden zijn. Een gezond konijn drinkt ongeveer 100 mililiter water per kilogram lichaamsgewicht per dag. Dat kan wat meer of minder zijn, afhankelijk van de verdere voeding die het konijn krijgt. Geef je bijvoorbeeld veel vochthoudend groenvoer, zoals komkommer, dan kan het minder zijn, bijv maar 50 ml per kg lichaamsgewicht per dag. Geef je geen groenvoer, dan kan het best zijn dat jouw konijnen 150 ml per kg lichaamsgewicht per dag drinken.

Brokken

Veel mensen denken dat brokvoer het hoofdvoer is voor konijnen, maar dat is niet het geval. Te veel brokvoer geven zorgt voor veel problemen: overgewicht, tand- en kiesproblemen, blindedarmkeutels laten liggen (daardoor vitaminetekort), diarree, ook een te veel aan voedingsstoffen. Je kan wel heel goed opletten wat de analyse van het konijnenvoer is, maar als je te veel brokken geeft, krijgt het konijn een te veel aan voedingsstoffen, zoals bijvoorbeeld calcium binnen. Voer dus echt een afgemeten hoeveelheid brokken, passend bij het gezonde gewicht van jouw konijn. Is jouw konijn te dik of te dun dan geef je dus niet de hoeveelheid brokken voor het gewicht van het konijn op dit moment, maar voor het gewicht wat het konijn in de ideale situatie hoort te hebben.
Kies een kwalitatieve, vezelrijke, geperste brok voor jouw oudere konijnen. Dit mag een senior of mature voeding zijn, maar dat hoeft niet. Vaak zijn er aan deze voeders wat extra vitaminen of kruiden toegevoegd om de weerstand hoog te houden. Dit kun je ook prima los voeren, of er voor kiezen om een kruidenhooi te geven om de weerstand te verhogen. Het hoeft dus niet persee uit het brokvoer te komen. Verder zit er weinig verschil in gewone volwassen voeding en voeding voor oudere konijnen.
Geef oudere konijnen geen gemengd konijnenvoer, om selectief eten te voorkomen. Let ook op dat de calcium-fosfor verhouding in het konijnenvoer juist is. 

Groenvoer

Met groenvoer kun je heerlijke variatie aanbrengen in het dagelijkse menu van jouw konijnen. Vers groenvoer bevat veel voedingsstoffen en vitaminen, waar zeker oudere konijnen baat bij hebben. Ook zorgt het vocht in het groenvoer voor een goede afvoer van afvalstoffen, zodat die niet ophopen in het lichaam. Niet alle soorten groente en fruit mag je aan konijnen voeren en je moet het ze ook aanwennen. Heeft jouw konijn nog nooit in zijn leven groenvoer op, en is hij/zij nu op leeftijd? Ook dan kun je het eten van groenvoer nog steeds aanwennen. Het kan zelfs heel fijn zijn als er een keer een gezondheidscrisis is. Vaak is groenvoer dan namelijk het eerste wat konijnen weer eten. Het is wel zo prettig als het konijn groenvoer eten dan ook gewend is, en er geen diarree van krijgt. 

Snacks

Snacks klinkt misschien ongezond, maar er zijn zeker gezonde lekkernijen voor konijnen! Onder snacks verstaan wij: gedroogde producten zoals kruiden, fruit en groenten. Maar ook knaaghout valt onder snacks. Er bestaan ook heel veel snacks die je in dierenwinkels kan kopen. Wij adviseren echter om daar voorzichtig mee te zijn. Vaak bevatten deze producten veel granen, noten, yoghurt en honing. Allemaal niet het meest ideale konijnenvoer en een aanslag op de darmflora. We zeggen niet dat je geen dierenwinkelsnoepjes mag geven, maar adviseren wel om heel goed naar de samenstelling en voedingsanalyse te kijken voor je het geeft.

Veel oudere konijnen krijgen moeite met hun gewicht. In de meeste gevallen betreft het ondergewicht. Gezonde snacks kunnen helpen om een beetje aan te komen. Maar in dat geval kun je bijvoorbeeld ook brokjes van een ander merk geven als lekkernij. Ook kunnen kruiden helpen om de eetlust op te wekken, zodat het konijntje wat meer gaat eten en daardoor aankomt. Of kies voedzame kruiden die op zich helpen het gewicht te verbeteren.

Overgewicht ook voor bij oudere konijnen. Oudere konijnen worden soms minder actief, waardoor ze eigenlijk te veel voedingsstoffen binnen krijgen voor hun activiteit, en te dik worden. Voor konijnen met overgewicht kunnen kruiden ook helpen bij het afvallen. Verder is voor die konijnen erg belangrijk dat je ze in beweging houd. Door wilgenballen te verstrekken of lekkere kruiden te verstoppen in intelligentiespeelgoed houd je konijnen met overgewicht actief in de zoektocht naar voedsel.

Verzorging van een oud konijn

Oudere konijnen hebben extra verzorging nodig. Elk konijn hoort jaarlijks de inentingen te krijgen tegen myxomatose, VHS/RHD1 en VHS/RHD2. Wij adviseren om de afspraak om inentingen te laten zetten te combineren met een jaarlijkse gezondheidscontrole. Een goede konijnkundige dierenarts zal dat doen, omdat een ziek konijn inenten gezondheidrisico's geeft.
De meeste extra zorg voor oude konijnen komt door de gewrichtsproblemen. De meeste oude konijnen worden op een gegeven moment minder actief door gewrichtsproblemen, ze zijn minder flexibel omdat ze pijn krijgen, stijf worden en stram. Maak het oudere konijnen daarom zo makkelijk mogelijk. Het is leuk om hooi of groenvoer uit een metalen bal te geven die je in de kooi hangt, maar als het konijn er echt niet meer goed bij kan komen of pijn heeft terwijl hij/zij dat probeert, dan is het beter om het voedsel op een plek te zetten die beter te bereiken is. Voor oudere konijnen adviseren wij dus om het hooi en water in ieder geval op verschillende, goed bereikbare plaatsen aan te bieden.
Nog een gevolg van de gewrichtsproblemen is dat de nagels vaker geknipt moeten worden, simpelweg omdat oudere konijnen minder actief worden, en minder bewegen. De nagels slijten daardoor niet meer zo snel. Controleer dus regelmatig of de nagels al bijgeknipt moeten worden. Durf je dit niet zelf, maak er dan een afspraak voor bij de dierenarts(assistente).
Omdat oudere konijnen minder goed kunnen bewegen kunnen ze problemen krijgen met het opeten van de blindedarmkeutels. Die blijven daardoor aan de vacht plakken, wat weer groene vliegen aantrekt, die eitjes leggen in de vacht. Als die uitkomen heeft het konijn last van madenziekte: myiasis. Oudere konijnen kun je hiervoor preventief behandelen met anti-madenspray. Dat moet elke 4-6 weken herhaald worden, zeker in het voorjaar en de zomer, als deze vliegen het meest actief zijn. Madenziekte kan snel ontwikkelen en kan helaas zelfs het beste konijnenbaasje overkomen. Ons advies is dus om het bij risico-konijnen (konijnen met overgewicht, oudere konijnen, konijnen met gewrichtsproblemen) te voorkomen door ze preventief te behandelen met een anti-madenspray.
Oudere konijnen krijgen vaak ook een minder goede wintervacht. Het kan daardoor nodig zijn om ze niet langer buiten te laten overwinteren, maar naar binnen te halen in het najaar. Ook zal het nodig zijn af en toe te helpen  om door de verharingen heen te komen. Borstel konijnen niet overmatig, dat zorgt voor een constante rui. Maar als ze zelf de vacht niet kunnen verzorgen is het wel nodig om regelmatig een kam of borstel door de vacht te halen.


Stress

Iets wat vaak wordt vergeten is dat konijnen hele stressgevoelige dieren zijn. Probeer stress dus zo veel mogelijk te voorkomen door een ritme, een routine aan te houden. Zeker voor de oudere konijnen die oogproblemen hebben, zoals ouderdomsstaar is het belangrijk dat je het verblijf zo min mogelijk veranderd. Kondig aan dat je er aan komt door even een geluid te maken wat de konijnen kennen, zodat ze niet van je schrikken.
Verder kan koppelen, dierenartsbezoeken, vuurwerk en nieuwe gezinsleden en huisdieren veel stress geven voor oudere konijnen. Denk hier vooraf dus goed over na en probeer het zo prettig mogelijk te laten verlopen voor het oude konijn. Overigens geld dit natuurlijk ook voor jonge konijnen.

Koppelen

Een vraag die wij vaak krijgen met betrekking tot oudere konijnen, is of ze nog gekoppeld kunnen worden. Gelukkig is er geen maximale leeftijd waarop een konijn nog aan een maatje gekoppeld kan worden. Helaas komen oudere konijnen vaak alleen te zitten, als bijvoorbeeld hun maatje overlijd. Als het een wat ouder konijn betreft vinden veel konijnenbaasjes het een lastige beslissing - een konijn erbij of niet - , zeker als ze eigenlijk niet meer aan nieuwe konijnen willen beginnen.
Toch is ons advies om wel te koppelen, mits de gezondheid van het oudere konijn het toe laat. Maar een oud konijn met gemiddelde of goede gezondheid kan prima nog aan een nieuw soortgenootje gekoppeld worden. Sterker nog: onze ervaring is dat ze er veel steun aan hebben, zeker als ze minder goed kunnen zien. Wat wel van belang is, is dat je er niet zomaar een willekeurig konijn bij zet. Zeker bij oudere konijnen is het belangrijk een passend maatje te zoeken, het hoeft niet persee een konijn te zijn dat net zo oud of ouder is, als het maar een konijn is met ongeveer gelijk temperament / gelijke activiteit. Een konijnenopvang kan daar goed bij helpen en meedenken naar de mogelijk geschikte partners. Wist je dat er zelfs een facebookpagina is, speciaal voor de herplaatsing van oudere konijnen?
Zelf heb ik mijn 12 jarige senior dame nog gekoppeld aan een 2 jarige ram, 10 jaar leeftijdsverschil dus. Ik merkte wel dat het verschil in activiteit soms wel een klein probleem was, maar de ram had een zorgzaam karakter en dat maakte weer veel goed. Zij hebben veel steun gehad aan elkaar, ook al leefde de voedster nog maar 1 jaar samen met het rammetje. Toen de voedster minder goed ging zien liep ze samen met de ram naar de voerbak en waterbak, ze hield lichaamscontact met hem hij leidde de weg.
Ook als je eigenlijk wil stoppen met konijnen, zoek een maatje. Ons advies is wel om echt naar een konijnenopvang te gaan. De meeste konijnenopvangen hebben namelijk in het contract staan dat als hun konijn alleen komt te zitten en je niet meer aan nieuwe konijnen wil beginnen, je het diertje terug moet brengen naar de opvang zodat zij er een nieuw huisje voor kunnen vinden. Als jouw senior konijntje komt te overlijden heb je dus de keuze: of het asielkonijn een nieuw maatje geven, of het asielkonijn terugbrengen.
Meer informatie over partnerkeuze en koppelen van konijnen vind je in dit artikel. Onze konijnenopvang- en asiellijst vind je hier.

Gezondheidsproblemen bij oude konijnen

Gewrichtsklachten

We schreven het al eerder in dit artikel, oudere konijnen krijgen op een gegeven moment last van hun gewrichten. Hieronder bespreken wij een aantal veel voorkomende gewrichtsklachten bij oudere konijnen.
Hoe herken je gewrichtsklachten? Gewrichtsproblemen kun je herkennen aan een aantal dingen. Niet bij alle konijnen komen alle symptomen voor, soms maar een enkele of een combinatie van een aantal dingen: een minder goed verzorgde vacht, kleine veranderingen in de manier van lopen, soms darmproblemen, blinde darmkeutels laten liggen, plasproblemen, urinebrand, zere hakjes (pododermatitis), pijn, gewichtsverlies, stemmingsveranderingen (humeurig), minder goede eetlust, minder actief.

Artritis is een algemene term voor ontstoken gewrichten. Dit komt ook voor bij konijnen, maar is niet zo makkelijk vast te stellen, omdat de symptomen per konijn sterk kunnen verschillen en ook op andere aandoeningen kunnen wijzen. Artritis is lastig te behandelen. Lange tijd was het niet te behandelen bij konijnen en werden er alleen pijnstillers voorgeschreven. Er zijn de laatste tijd echter wel ontwikkelingen geweest die behandeling mogelijk maken. Het is niet zo dat konijnen er van kunnen genezen, maar met de behandeling kunnen de klachten sterk verminderen en is het leefbaarder voor jouw konijn.  Als jouw dierenarts nog niet van de behandelingen voor konijnen op de hoogte is, laat je dan doorverwijzen naar een specialist die daar verder mee kan helpen. 
Osteoarthiritis. Een moeilijk woord. Wat is het precies? Het is een gewrichtsontsteking die doorloopt tot op het bot. Deze ontsteking veroorzaakt pijn. Daardoor gebruiken konijnen het gewricht waar de ontsteking zit minder. En daardoor worden de spieren minder sterk en/of ontstaan er juist weer andere klachten door het verplaatsen van het gewricht, zoals zere hakjes (pododermatitis). Gelukkig is osteoarthiritis wel te behandelen bij konijnen.
Artrose is een chronische aandoening waarbij het kraakbeen rond de gewrichten verminderd en verslechterd. Artrose kan ook voorkomen bij jonge konijnen, maar je ziet het wel iets vaker bij oudere dieren. Dieren die in het verleden bijvoorbeeld een botbreuk hebben gehad, zijn er vaak iets gevoeliger voor. Behandeling kan met medicijnen die ontstekingen verminderen en pijnstillers. Voor konijnen met Artrose kan de soort bodembedekking die je gebruik ook nog een  verschil maken.  Helaas is artrose chonisch. Er zijn wel behandelingen, maar geen genezing.

EC / E Cuniculi

Een ziekte die veel voorkomt bij konijnen van alle leeftijden, maar zeker ook bij de oudere dieren. Dat komt omdat bijna alle konijnen de parasiet die dit veroorzaakt meedragen, maar de ziekte niet bij elk konijn tot uiting komt. Stress en verminderde weerstand kunnen er voor zorgen dat er wel problemen ontstaan. Bij oudere konijnen is de weerstand vaak minder goed, en komt EC tot uiting. Het nadeel van EC is dat er ontzettend veel symptomen zijn, die soms maar als klein, op zichzelfstaand probleem naar voren komen, waardoor je misschien niet direct aan EC denkt. Zoals bijvoorbeeld vieze achterpootjes. Of alleen een wolkje in het oog. Het is zeker niet altijd het scheve kopje, slepende pootjes of rondtollen waardoor je sneller doorhebt dat het EC betreft.  Toch adviseren wij om ook in twijfelgevallen behandeling te starten.


Oogproblemen

Bij oudere konijnen komen oogproblemen regelmatig voor. Doordat ze minder wendbaar zijn zie je vaker oogbeschadigingen, bijvoorbeeld omdat er een hooi- of stro spriet in de ogen prikt, of omdat ze zich ergens tegenaan stoten. Zie je vlekken in de ogen, wolkjes, ooguitvloeiing of heeft het konijn een dichtgeknepen oog, bezoek dan een dierenarts voor controle. Bij oudere konijnen komt er veel ouderdomsstaar voor. Let wel op dat staar niet alleen ouderdom als oorzaak kan hebben, het kan ook door E.C. komen.

Konijnen die slecht zien vinden het niet prettig als het verblijf veranderd van inrichting. Probeer dit te voorkomen. Konijnen die niet goed zien kunnen veel steun hebben aan een konijnenpartner. Deze partner bied niet alleen steun en gezelschap maar kan ook helpen bij het navigeren door het verblijf.

 

Gebitsproblemen

Hoewel je misschien denkt dat oudere konijnen sneller last hebben van het gebit dan jonge konijnen, is dat niet waar.  Gebitsproblemen zijn vaak erfelijk of ontstaan door voedingsfouten. Die problemen komen al veel eerder aan het licht dan wanneer een konijn senior is. Een konijn dat nooit gebitsproblemen heeft gehad, zal die niet opeens krijgen als hij/zij senior is. Wel kunnen chronische gebitsproblemen een groter probleem gaan vormen wanneer konijnen ouder worden. 


Blaas- en nierproblemen

De meest voorkomende oorzaken van blaas- en nierproblemen bij konijnen zijn verkeerde voeding, te weinig water drinken en EC.  Maar ook met het ouder worden kunnen nierproblemen ontstaan, bijvoorbeeld door bindweefselvorming in de nier (schrompelnieren) . Blaas- en nierproblemen herken je aan mager worden, veel plassen, veel drinken, urineverlies, urinebrand.  Wat het probleem precies is, kan vastgesteld worden door onderzoek van urine en bloed, echo of rüntgenfoto's. Blaas- en nierproblemen kun je voorkomen door de juiste voeding, voldoende vers drinkwater aan te bieden.  Voer groenvoer eventueel wat vochtig, en kies soorten die veel vocht bevatten. Pas de voeding aan bij konijnen die er gevoelig voor zijn, bijv. timothy hooi en een brok met een laag, maar wel juiste calcium-fosfor verhouding.

Hartklachten

Er is nog niet zo veel bekend over hartaandoeningen bij konijnen. Toch horen wij er steeds vaker van omdat het met de moderne apparatuur ook bij konijnen steeds beter vast te stellen is. Ook leven konijnen nu langer dan vroeger.
Symptomen die kunnen wijzen op hartklachten zijn gewichtsverlies, minder activiteit, kortademigheid. Met de juiste medicijnen kunnen konijnen hier over het meestal wel nog een tijdje mee doorleven.

 

Baarmoederontsteking

Bij voedsters die niet gesteriliseerd (of eigenlijk gecastreerd) zijn, neemt de kans op baarmoederontsteking en baarmoederkanker toe als ze ouder worden. Deze problemen kun je herkennen aan bloed bij de urine, bloedplasjes waar ze gezeten hebben, persen zonder te plassen of keutels achter te laten, vermageren en gedragsveranderingen.

Tumoren


Naarmate konijnen ouder worden, neemt de kans op tumoren toe. Er komen verschillende soorten voor bij konijnen.

Inschrijven nieuwsbrief

Vul uw gegevens in om onze maandelijkse nieuwsbrief te ontvangen:
E-mail adres:
Naam:
Voornaam:
Inschrijven Uitschrijven
 

Wat konijntjes graag willen...

Wat konijntjes graag willen...

Gelieve op tijd te komen!!!

Gelieve op tijd te komen!!!
We merken dat nogal wat mensen te laat komen op de gemaakte afspraak. Gelieve op tijd te komen, omdat we vaak verschillende afspraken na elkaar hebben gepland tijdens het weekend, of 's avonds voor het avondeten. We hebben ook nog een gezin en job buiten de opvang, dus zouden we het op prijs stellen als de afspraken op tijd kunnen doorgaan. Mocht je er niet op tijd kunnen geraken, gelieve ons dan een mailtje of Facebookberichtje te sturen.